FilmMagie-logo-white

Vicky Cristina Barcelona

(2008,
USA, Spanje)
(2008,
USA, Spanje)
2009

Regisseur

Woody Allen

Producer

Letty Aronson, Gareth Wiley & Stephen Tenenbaum voor Mediapro

Scenario

Woody Allen

Acteurs

Javier Bardem (Juan Antonio), Patricia Clarkson (Judy Nash), Penelope Cruz (Maria Elena), Kevin Dunn (Mark Nash), Rebecca Hall (Vicky), Scarlett Johansson (Christina)

Cinematografie

Javier Aguirresarobe

Montage

Alisa Lepselter

Muziek

Prijzen

Oscar en BAFTA voor beste vrouwelijke bijrol 2008 voor Penelope Cruz

Filmduur

96 min

Twee Amerikaanse vriendinnen, Vicky en Cristina, brengen de zomer door in Barcelona. Daar maken ze kennis met schilder Juan Antonio en zijn bijna ex-vrouw Maria Elena. Woody Allen mixt dit alles tot een sensuele en grappige cocktail.

Een commentaarstem legt snel uit wat beide vriendinnen in Barcelona komen doen. De ernstige, voorzichtige en sceptische Vicky (Rebecca Hall) gaat binnenkort trouwen, maar wil eerst nog haar thesis – iets in verband met de ‘Catalaanse identiteit’ – afwerken. De impul­sieve en meer avontuurlijk aangelegde Cristina (Scarlett Johansson) wil, na haar zoveelste amoureuze ontgoocheling, gewoon even op adem komen. En ook weleens uitzoeken of ze nu al dan niet over enig artistiek talent beschikt.
Hun tegengestelde persoonlijkheden worden meteen duidelijk als Vicky en Cristina kennis­maken met de flamboyante en zelfverzekerde schilder Juan Antonio (Javier Bardem), die hen allebei als een ongegeneerde donjuan resoluut probeert te versieren. Vicky gelooft haar oren niet; Cristina is meteen gecharmeerd.

Wat er dan verder allemaal gebeurt, is tegelijk voorspelbaar én verrassend, omdat de verhoudingen tussen de diverse protagonisten regelmatig kantelen. Zeker als ook de exuberante en passionele Maria Elena ten tonele verschijnt.

Vicky Cristina Barcelona is zowel een ironische karakterstudie – de personages hebben elk hun meningen en gedragingen – als een satirische zedenkomedie, waarbij de Amerikaanse terughoudendheid in verband met seks en relaties en de Europese vrijpostigheid ter zake het moeten ontgelden.

Over de reden waarom hij deze romantische komedie in de Catalaanse hoofdstad ging draaien, heeft Woody Allen (°1935) nooit mysterieus gedaan. Het stadsbestuur van Barcelona heeft het hem vriendelijk gevraagd en was in ruil bereid voor een deel van de financiering te zorgen. Ze mogen best tevreden zijn over het resultaat, want de stad van Gaudí wordt het publiek op een toeristisch presenteerblaadje aangeboden. Dat past trouwens perfect in dit verhaal over Amerikaanse toeristen, die naar deze stad komen om zich door de pracht en praal van het oude continent te laten overrompelen.

Voor Scarlett Johansson is dit, na Match Point en Scoop, al de derde samenwerking met Woody Allen. Voor de (Britse) actrice Rebecca Hall zal deze film ongetwijfeld de doorbraak betekenen. Maar het opvallendst is de manier waarop de Spaanse sterren Javier Bardem, maar vooral Penelope Cruz, zich moeiteloos in dit typische Woody Allenuniversum van chronische ontevredenheid, neurotische twijfels en existentiële onzekerheid weten te integreren. Het zal natuurlijk ook wel met de Spaanse setting te maken hebben, maar ze voelen zich duidelijk thuis in deze hilarische exploratie van rede versus passie, van Amerikaanse nuchterheid en zakelijkheid versus Europese exuberantie en zorgeloosheid, van relationele geborgenheid versus amoureuze vrijheid. Maar zelf is Woody Allen inmiddels te oud en te wijs geworden om nog in zwart-witdenken te vervallen. Hij ziet en toont veel liever de humor in situaties waarin redelijke mensen zich plots passioneel beginnen te gedragen. Of waarin ongebonden personages niet meer lijken te weten wat ze met al die vrijheid aan moeten.
Ook de manier waarop hij de kunstzinnige ambities en aspiraties van zijn protagonisten schetst, getuigt van datzelfde relativeringsvermogen. In een interview vertelde Allen ons daar het volgende over: “Ik heb altijd gevonden dat de maatschappij vaak te veel ontzag heeft voor kunstenaars, dat zij veel te veel in de watten worden gelegd. Iemand is een kunstenaar omdat hij of zij toevallig zo geboren is. Maar ze worden te vaak als halve goden bejegend. Het is blijkbaar niet erg genoeg dat een kunstenaar zelfgenoegzaam is, want de maatschappij lijkt dat ook nog normaal te vinden en moedigt dat zelfs aan.” Niet zo in deze film, tenzij om het een beetje belachelijk te maken.

Zoals gebruikelijk zijn de dialogen vaak erg grappig, zoals in: “Als je niet snel begint met mij uit te kleden, dan wordt dit hier nog een paneldiscussie.” Bovendien wordt het verhaal zo soepel en elegant verteld en worden de personages met zo’n naturel vertolkt dat de dialogen nooit als clevere oneliners klinken (hoewel ze dat natuurlijk wel zijn). Kortom, Woody Allen is nooit weggeweest, maar is nu wel helemaal terug.

Door Jan Temmerman in De Morgen 29 oktober 2008

Zie ook FilmMagie nr. 588