FilmMagie-logo-white

Still Walking (Aruitemo aruitemo)

(2008,
Japan)
(2008,
Japan)
2010

Regisseur

Hirokazu Kore-Eda

Producer

Yoshihiro Kato, Satoshi Kono, Masahir Yasuda & Hijiri Taguchi voor TV Man Union

Scenario

Hirokazu Kore-Eda

Acteurs

You (Chinami Kataoka), Hiroshi Abe (Ryota Yokoyama), Yoshio Harada (Kyohei Yokoyama), Ryôga Hayashi (Mutsu Kataoka), Kirin Kiki (Toshiko Yokoama), e.a.

Cinematografie

Yutaka Yamasaki

Montage

Hirokazu Kore-Eda

Muziek

Prijzen

diverse Aziatische Awards foor film, regie en cast

Filmduur

115 min

Soms word je zo overweldigd door een film dat je duizelend de zaal verlaat en de beelden nog lang op je netvlies natrillen. Andere films hebben meer tijd nodig: je verlaat de zaal met een goed gevoel, zonder meer, maar langzaamaan neemt de film bezit van je gedachten om die niet meer los te laten. Still Walking van Hirokazu Kore-Eda is er zo een.

Het basisgegeven is eenvoudig, zeker voor een regisseur die een film heeft gemaakt over mensen die op de grens tussen leven en dood moeten beslissen wat hun dierbaarste herin­nering is (After Life) of over vier jonge kinderen die zichzelf moeten zien te beredderen nadat ze door hun moeder in de steek zijn gelaten (Nobody Knows). In Still Walking blaast een familie verzamelen in het ouderlijke huis op de verjaardag van de overleden oudste zoon. Het bejaarde koppel ontvangt de dochter en haar gezin, en de jongste zoon Ryota met zijn vrouw en stiefzoon.

Het gros van de film speelt zich af in een etmaal. Er wordt gegeten, gedronken, gekeuveld en gediscussieerd. Er wordt zelfs wat gekonkeld, maar nooit kwaadaardig. Ryota wil zijn ouders niet vertellen dat hij net zijn baan verloren heeft, want dat zou tot nodeloos gezeur leiden. En al wordt er veel gepraat, de stiltes zijn even veelzeggend als de dialogen.

Still Walking, waarin iedereen onberispelijk acteert, getuigt van een beheersing van de mise-en-scène die kan tippen aan Kore-Eda’s legendarische landgenoot Yasujiro Ozu, met wiens werk er ook een thematische verwantschap is. Het is meer een film over de kleine drama’s van het leven dan over de grote tragedie die deze familie getroffen heeft, zonder dat Kore-Eda ook maar één keer zijn toevlucht zoekt in goedkoop sentiment. Still Walking handelt over verkrui­melde dromen die zekerheden eroderen, langzaam maar onherroepelijk.

Interview met de Japanse regisseur Hirokazu Kore-Eda

“De doden zijn onze goden”

Dankzij films als Nobody Knows en After Life is Kore-Eda uitgegroeid tot een van de meest geprezen Japanse regisseurs van de voorbije tien jaar.
In Still Walking portretteert hij een familiereünie op de verjaardag van een overleden zoon. De dood was al present in het gros van de documentaires die Kore-Eda in het begin van zijn carrière draaide en dat is niet veranderd sinds hij in 1995 speelfilms begon te regisseren. In Maborosi probeert een vrouw te bekomen van de onverwachte zelfmoord van haar echtgenoot, After Life speelt zich af in de transitzone tussen leven en dood, terwijl in Hana een samoerai centraal staat van wie verwacht wordt dat hij de dood van zijn vader zal wreken, maar dat weigert.

Goddelijke doden

“Niet de dood, maar de doden zijn het hart van die films”, zegt Kore-Eda. “Je moet weten dat wij in Japan geen godsdienst hebben – boeddhisme, bijvoorbeeld, is geen religie – en dus ook geen God. Voor Japanners vertegenwoordigen de doden de onstoffelijke kant van het bestaan. Ze functioneren zoals een God in de westerse wereld: ze beschermen ons, ze oordelen over ons en zijn een bron van troost.”
De directe aanleiding voor Still Walking was de dood van Kore-Eda’s moeder enkele jaren geleden. “Ik heb deze film gemaakt om meer tijd door te brengen met mijn moeder”, drukt hij ons tijdens het gesprek tweemaal op het hart. Of het een autobiografische film is? “De wijze waarop de personages met elkaar omgaan leunt dicht aan bij hoe het er in mijn familie aan toegaat, maar de feiten die ik in de film presenteer zijn fictie. Een uitzondering is de schok die de zoon voelt als hij het handvat ziet dat zijn ouders aan de badrand hebben geïnstalleerd. Plots beseft hij dat zijn vader en moeder oude mensen zijn geworden. Dat is mij ook over­komen. En mijn moeder maakte, net als het personage in de film, overheerlijke maistempura. Veel van wat de moeder in de film zegt, heb ik mijn moeder zelf horen zeggen. Althans, in mijn herinnering heeft ze het gezegd.”

Gele vlinder

Een paar van de pakkendste scènes uit Still Walking zijn gerelateerd aan een verhaal dat van generatie op generatie doorgegeven wordt: een gele vlinder is de reïncarnatie van een over­ledene. “Mijn moeder heeft me dat verhaal verteld toen ik een kind was. Ik heb lang geloofd dat het waar was. (lacht) Maar na nauwgezet onderzoek ben ik tot de conclusie gekomen dat het een broodje aap is. Ik heb er geen idee van of mijn moeder het zelf heeft bedacht of dat het gewoon vaak wordt verteld in Japan. Feit is dat Japanners denken dat vlinders ons, net als spinnen, in contact brengen met de doden. Ik kan het verhaal van de gele vlinder niet los zien van die typisch Japanse papieren zonneblinden die na een paar jaar steevast vergelen. Geel is voor mij de kleur die het verstrijken van de tijd weergeeft.”

Christophe Verbiest in De Morgen 27 mei 2009

Ook in Filmmagie nr. 595