FilmMagie-logo-white

Le jeune Werther

(1993,
FR)
(1993,
FR)
29 maart 1994

Regisseur

Jacques DOILLON

Producer

Alain Sarde

Scenario

Jacques DOILLON

Acteurs

Ismaël JOLE, Mirabelle ROUSSEAU, Miren CAPELLO, Thomas BREMOND, Faye ANASTASIA, Pierre MEZERETTE

Cinematografie

Christophe POLLOCK

Montage

Muziek

Prijzen

Filmduur

95 min

Regisseur

De Franse regisseur Jacques Doillon (°1944) heeft al ruim twintig films op zijn naam.  In dit stijlvolle, homogene film­oeuvre domineren twee thema’s: de positie van de vrouw binnen de huwelijksrelatie en de problematiek van opgroeiende tieners in de moderne samenleving.  Samen met Maurice Pialat en André Téchiné maakt hij deel uit van een eigen strekking binnen de Franse cinema: “Le nouveau naturel”.  De benaming is gebaseerd op de specifieke kenmerken van de films van Doillon: de acteurs praten met gedempte stem, hun spel lijkt vaak geïmproviseerd en ze schrijven vaak zelf hun dialogen.  Op die manier poogt Doillon de juiste emotie te vinden voor zijn uiterst intieme filmcreaties.

Gegeven

Guillaume, een jonge tiener, pleegt zelfmoord.  Zijn beste vriend, Ismaël, wil weten waarom.  Samen met een kleine groep klasgenoten zal hij een onderzoek instellen naar de reden van die zelfmoord.  Aanvankelijk leggen de vrienden de schuld bij een leraar die Guillaume van school had gestuurd, maar al vlug concludeert Ismaël dat een ongelukkige liefde een fatale rol heeft gespeeld.  Hij herinnert zich een foto van een blond meisje, die Guillaume hem in vertrouwen getoond had.  Boven­dien weet hij dat zijn vriend ’s zondags naar de mis ging om naar de meisjes te kijken.  Op één van zijn kerkbezoeken herkent Ismaël het bewuste blonde meisje.  Hij raakt zelf in de ban van de mooie tiener.  Ze zal ook hem confronteren met de pijn van een hopeloze verliefdheid.

Bespreking

Le jeune Werther is een vrije adaptatie van Goethes bekende roman uit 1774, “Die Leiden des jungen Werthers”.  Voor Doil­lon vertolkte Goethe met zijn universele taal gevoelens die ook nu nog bij jongeren leven.  Ismaël en zijn vrienden koes­teren Goethes roman als een relikwie.  “Ik wou niet Goethes roman verfilmen”, vertelt Doillon in een interview met Film en Televisie, “maar iets Wertheriaans leggen in het personage van Guillaume en dat van Ismaël, die op het eind van de film dezelfde weg opgaat als zijn vriend”.

De film werpt een niet humorloze blik op de hedendaagse melan­cholie.  Het stille, eerste verdriet van jongeren die met een vreemde mengeling van kinderlijke naïviteit en gewichtigheid over de liefde spreken.  De liefde groeit er in de klas.  Mirabelle gaat uit met Théo, Faye is verliefd op Pierre, Simon heeft “iets” gehad met Jessica.  De film handelt over de eerste passen tot toenadering, maar ook over zelfmoord uit onbegrepen liefde.  De dood loopt er als een rode draad in het liefdesprieel dat het lyceum is en wordt er met verdriet én cynisme bekeken.

De twijfel van deze tieners heeft Doillon in prachtige dialo­gen verwoord in de verfilming van hun weifelachtige gebaren en kussen.  De cineast plaatst zijn personages oog in oog met elkaar en laat hen praten en discussiëren op stoepranden, in schoolgangen of lege klassen.  De stijl waarin hij zijn ver­haal giet is sober.  Doillon bezit de kunst om gezichten te laten spreken, om een aura te vlechten rond silhouetten die zich eenvoudig op de straatstenen bewegen.  Met deze evocaties bewijst hij hoe gefascineerd hij is door het gevoelsleven van jongeren.  Ook door hun verdriet.  Eén van de mooiste scènes uit de film speelt zich af bij het graf van Guillaume: één voor één storten ze voor hun dode vriend hun verdriet uit.  Ook rouwen is een nieuw facet in hun leven geworden.

                                                                   Dirk Michiels, medewerker KFL-Antwerpen